Leo Wijnhoven – Kunstwerken Nieuw

NIEUWE KUNSTWERKEN – SLIDESHOW

NIEUWE KUNSTWERKEN – WALL- MEER INFO KLIK HIERONDER

INFORMATIE KUNSTENAAR

Leo Wijnhoven

Geboren
1960 in Wanssum

Woonachtig
in Nederland

Opleiding
Universiteit van Amsterdam Kunstgeschiedenis 1980-1981
Masterclasses Sandra Derks en Aldert Mantje 1993
Workshop J.G. Dokoupil 1984

Werkbeschrijving

Mijn werk is een reflectie van mijn omgeving. Niet de natuur, maar de nimmer afnemende stroom van massa-mediabeelden, gebruik of hergebruik ik voor mijn schilderijen. De ‘must van de vernieuwing’, een fenomeen dat de twintigste eeuw lijkt te beheersen, gaat aan mij voorbij; ik ervaar het als een doodlopend spoor. Liever maak ik vrijelijk gebruik van het bestaande.

De massa-media hebben ons in staat gesteld op een exuberante wijze kennis te nemen van al die verschillende stijlen uit het verleden. Deze hebben allen hun kwaliteit bewezen, wij kunnen er naar behoeven uit putten. Volgens mij staat trouwens iedere stijlperiode voor een ideologie, de ideologie van de tijd waarin ze ontstond. Tegenwoordig worden die historische en ideologische stijlen naast elkaar erkend; als met een stijl een bepaalde ideologie en boodschap uitgedragen wordt, dan is die boodschap in ieder geval nu niet meer eenduidig. Mijn werk is evenmin eenduidig. Ik probeer er altijd verschillende betekenislagen in aan te brengen. Niet alleen inhoudelijk, maar ook formeel, dus aangaande het gebruik van mijn schildersmateriaal, de manier hoe ik bijvoorbeeld mijn verf opbreng.

Inhoudelijk houdt mij met name het verschijnsel fragmentatie bezig. Zowel in psychologische (wie ben ik) als in sociologische (wat moet ik) zin. Het idee van ‘eenheid’ heb ik zowel naar de mens als naar de maatschappij toe laten vallen. Het eenheidsidee is fictief, de werkelijkheid bestaat uit meerdere delen. De mens wil naar buiten toe wel graag als eenheid overkomen. Hierdoor is er meer sprake van een persoonlijkheid (rol) spelen, dan van een persoonlijkheid zijn (denk aan Madonna, Cindy Sherman, Laura Anderson). De stap van deze visie naar mijn werk, dat onverhuld samengesteld is, zal duidelijk zijn. De beelden die ik gebruik zijn bekend; ze hebben al een betekenis. Ik speel daarmee en voeg mijn visie toe. De toeschouwer neemt op wat hij herkent.